Archieven voor de categorie ‘Faciliteren’

  • De angst voor de techniek

    Datum: 2010.06.08 | Categoriën: Faciliteren | Antwoord: 0

    Figure 20 from Charles Darwin's The Expression...
    Image via Wikipedia

    Ik word wel eens gebeld of ik weet waar je op moet letten als je een laptop koopt. Of mensen vragen of ik weet hoe je in outlook adreslijsten kan maken. Of wat een goede mobiele provider is. Dingen die ik helemaal niet weet. Zo laat ik het oplossen van computerproblemen altijd lekker aan anderen over. Mensen zijn ook verbaasd als ze ontdekken dat ik niet weet hoe ik het geluid van mijn mobieltje harder moet zetten (vaak zijn ze stiekum ook wel blij dat ik dat ook heb :) . Ergens wordt mijn ICT-kennis overschat omdat ik veel met sociale media werk en online faciliteer.  Ik vond het dus een feest van herkenning toen ik een poos gelezen op het blog van Marcel Kesselring las dat hij hetzelfde heeft: “Wat ik doe is geen ICT! En toch weet men mij altijd weer in dat hokje te plaatsen en waarom? Omdat ik goed met powerpoint om kan gaan? Omdat ik veel op het internet zit? Hoe kom ik van dat stempel af?”

    Op mijn eigen blog heb ik onlangs geschreven over verschillende taken van een online facilitator. Je kunt de taken op verschillende manieren indelen natuurlijk, maar ik heb de volgende hoofdcategoriën verzonnen na wat lezen en rondzoeken:

    • Het managen/stimuleren van sociale netwerken
    • Het proces van online leren en communicatie begeleiden
    • Technische taken
    • Monitoren van voortgang (dit klinkt misschien als een logische taak, maar is online belangrijker omdat je minder zichtbare feedback hebt zoals mensen die in slaap vallen..).

    Het grappige is dat de technische taken dus maar één aspect zijn van online faciliteren terwijl de techniek en de tools vaak wel veel meer aandacht krijgen dan de andere taken. Oplossingen worden soms gezocht in de technische hoek, , terwijl het probleem ligt in het sociale proces, bijvoorbeeld de juiste mensen zijn nog niet aangehaakt. In onze training online faciliteren vroegen we deelnemers waar ze tegenop zien, en het merendeel van de antwoorden ging over haperende of falende techniek! Een skype-verbinding die wegvalt, een slecht geluid etc.

    Ik denk dat deze angst voor de techniek een aantal face-to-face procesbegeleiders ervan weerhoudt om meer online te faciliteren, of dat deel aan iemand anders overlaten. Jammer, want ik denk dat dit juist de geweldige facilitatoren zouden zijn! Zelf ben ik niet bang om in tools te duiken maar kan er ook wel tegenop zien, zoals een nieuwe layout voor mijn weblog gaan maken. Herken je deze angst voor de techniek? Hoe ga je ermee om?

    Reblog this post [with Zemanta]
  • Het grote kleine onzichtbare (2)

    Datum: 2010.04.12 | Categoriën: Faciliteren | Antwoord: 1

    Veel activiteiten die horen bij een succesvolle discussiesite of online community zijn niet zichtbaar. Het zijn vaak kleine interventies buiten het zicht van de communitysite die maken dat mensen zich vertrouwd voelen en bereid zijn met elkaar in gesprek te gaan en lid te blijven. Juist door de onzichtbaarheid van deze rol en dus gebrek aan kennis erover komen veel online discussies niet van de grond. Dit is deel 2 van een tweeluik over de onzichtbaarheid van online faciliteren. Lees deel 1 ook.

    De combinatie van kleine acties maakt dat er leven in de brouwerij komt. In deel 1 noemde ik een aantal voorbeelden waarbij door een simpele handeling, zoals het sturen van een enkele e-mail, een groep mensen in beweging komt. Of juist niet door het achterwege blijven van die kleine handeling.

    Het lijkt wel een on-stuurbare onzichtbare hand in een online community die bepaalt of de community ook daadwerkelijk een community wordt en blijft. In werkelijkheid gedraagt deze hand zich zo praktisch als het maar kan. En juist omdat het zo praktisch is kun je het onzichtbare zichtbaar maken. Hoe? Nou gewoon, door te zeggen wat je doet. En dat is een activiteit die niet exclusief is voor de mensen die officieel de rol van moderator of facilitator op zich hebben genomen, maar door alle leden van de community.

    Er zijn talloze activiteiten binnen een community. Hieronder benoem ik een aantal en hoe je dat terug kunt voeren naar de gemeenschappelijke site om het zichtbaar te maken.

    :idea: Wees duidelijk over je rol. Op de meeste sites heb je een profielpagina waar je wat gegevens over jezelf kunt delen. Soms, maar lang niet altijd, wordt je ’status’ bij je profiel vermeld: lid, eigenaar, moderator, en dergelijke. Wees duidelijk over de rol welke je hebt binnen de community. De meesten zijn gewoon lid, en die willen weten bij wie ze kunnen aankloppen met vragen over bijvoorbeeld inloggen, of het begeleiden van een discussie-deel. Richt daarom een aparte sectie binnen het online platform in voor vragen over techniek (de rol van de ‘technology steward’) en procesbegeleiding (de rol van de ‘online facilitator’), waarin de personen met deze rol zich voorstellen aan de groep.

    :idea: Als lid van een online community stuur je bijvoorbeeld wel eens uitnodigingen naar mensen om ook deel te gaan nemen aan de groep. Dit kan een bekende zijn, of iemand die je tegenkomt op een bijeenkomst. Kondig aan binnen de community dat je deze persoon hebt uitgenodigd. Dat hun naam al genoemd wordt, geeft de persoon in kwestie ook meteen een warm gevoel bij eerste bezoek.

    :idea: Als je verantwoordelijk bent voor de technische ondersteuning van de community, schrijf dan over de software-update die je hebt gedaan. Het lijkt voor jou misschien geen bijzondere activiteit, maar als de techniek niet meer werkt valt de groep uit elkaar.

    :idea: Stuur je een nieuwsbrief naar de hele groep via de e-mail, publiceer deze dan ook in z’n geheel in het forum. Als mensen vragen of opmerkingen hebben die relevant zijn voor de hele groep, kunnen ze daar reageren, in plaats van alleen in jouw richting te antwoorden.

    :idea: Soms heb je een met een ander lid van dezelfde community een interessante 1-op-1 discussie die ontstaat via e-mail of chat. Besef dat het misschien een relevante discussie is voor meer mensen binnen de community. Vat jullie privé-discussie samen, omschrijf iets meer over de context waarin deze discussie tot stand kwam en zet het in het forum om met anderen verder van gedachten te wisselen.

    :idea:  Veel communities hebben een hele sterke inhoudelijke focus waardoor deelnemers snel nauw betrokken zijn met elkaar. Soms werken ze ook met elkaar samen aan opdrachten. Ben jij met iemand van dezelfde community aan de slag? Schrijf op het community platform iets over je samenwerking.

    :idea: In je rol als facilitator heb je waarschijnlijk meerdere kanalen waarmee je de mensen kunt volgen. Via Twitter bijvoorbeeld. Als je ziet dat iemand naar een inhoudelijk relevante conferentie gaat, vraag deze persoon daar een stukje over te schrijven op de communitysite en kondig dat alvast aan.

    Ik ben altijd heel nieuwsgierig naar hoe anderen te werk gaan, dus ik vraag je bij deze naar jouw manieren om je activiteiten binnen een community zichtbaar te maken. En dragen ze ook bij aan het levendig houden van de groep?

  • Help! Er gebeurt niets meer!

    Datum: 2010.03.24 | Categoriën: Facilitator tips, Faciliteren | Antwoord: 1

    Stel je Henk voor. Henk werkt als opleidingsadviseur binnen een grote overheidsorganisatie. Onlangs is besloten dat het voor komend jaar belangrijk is om kennis en ervaringen uit te wisselen over werkplekleren. Er zijn al veel voorbeelden van werkplekleren die goed werken, alleen weet men dit niet van elkaar. Henk besluit een online forum te starten. Er zijn al meerdere forums over dit onderwerp gestart, je ziet ze overal om je heen. Hoe moeilijk kan het zijn? Henk kiest voor een gratis webtool, zorgt ervoor dat de omgeving er aantrekkelijk uitziet qua design, start een aantal discussies en begint met het plaatsen van wat berichtjes. En nu maar wachten tot anderen gaan bijdragen. Er gebeurt natuurlijk niets. Henk praat met wat collega’s, maar die delen zijn enthousiasme voor het forum niet zo. Wat nu?

    Deze situatie komt heel vaak voor. In het Handboek Communities van Erwin Blom (gratis pdf) vind je veel ervaringsverhalen en praktische tips hoe een online community te starten en te begeleiden. Waardevol om te lezen als je met een community wilt beginnen! Een volgende lastige fase die ik veel tegenkom is die van ‘een paar weken later’. Hoe hou je beweging en interactie? Hoe zorg je dat er online iets blijft gebeuren? Hoe zorg je dat mensen terugkomen? En juist in die fase kun je als facilitator veel doen. Tips uit mijn praktijk:

    • Start een poll over een thema dat goed aansluit bij de community.
    • Organiseer een f-2-f bijeenkomst en gebruik de online omgeving in de voorbereiding hier naar toe.
    • Schrijf een blogpost en nodig achter de schermen een aantal leden van de community uit om daar op te reageren.
    • Kijk of er leden zijn die zelf ook bloggen en nodig hen uit een link te maken naar de community.
    • Interview iemand, maak een kort videofilmpje (heel makkelijk met The Flip) en nodig leden uit hier op te reageren.
    • Nodig een aantal leden uit om zo nu en dan de rol van interviewer op zich te nemen. Zij gaan eens per maand op zoek naar een ander lid met een waardevolle ervaring om een korte blogpost over te schrijven.
    • Start een kort experiment online en nodig een aantal leden uit daar aan deel te nemen.
    • Zet een actief lid in het zonnetje.
    • Bel eens aantal leden om te horen waar ze mee bezig zijn, wat ze inspireert, hoe ze de community ervaren, wat voor hen behulpzaam zou zijn binnen de community .
    • Vraag leden om hun favoriete boek, het boek wat men nu leest, een foto van de eigen boekenkast te delen met anderen (een korte vraag waar je makkelijk even op reageert).
    • Plan een synchrone online activiteit (Skype-sessie, gezamenlijke chat), wellicht als opstart van een online themaweek.
    • Kies een artikel en start daaromheen een online discussie. Nodig zo mogelijk de auteur van het artikel uit om te participeren in de discussie.

    Nou, tot hier maar even. Zin om mee te doen in het verzamelen van dit soort praktische ideeen? Ben benieuwd naar aanvullingen van jullie!

  • Faciliteren van een Twitterchatsessie

    Datum: 2010.03.09 | Categoriën: Faciliteren, Interviews | Antwoord: 1

    Ik heb nu aan drie Twitterchatsessies meegedaan. De eerste was ik te laat, ik kwam tegen het einde ‘aanzetten’. De tweede kon ik echt niet volgen, al de losse berichtjes. Ik ben afgehaakt. Driemaal is scheepsrecht en de derde keer was het wel grappig. Het was de chatsessie die Catharinus Doornbos, Trainer bij Station-to-Station en initiatiefnemer van Discussie Dinsdag elke dinsdag tussen 12 en 2 organiseert over ICT en onderwijs. Ik had wel het gevoel dat je vooral met de facilitator praat en minder als groep. Ik heb Rinus geïnterviewd over zijn manier van faciliteren van een twitterchat

    Waarom ben je begonnen met het faciliteren van Twitterchats?

    Het begon met een filmpje, dat ik tegenkwam, over Teacher Tuesday in de VS. Leerkrachten, die discussieerden via Twitter. Door een hashtag (#) te gebruiken in alle tweets, was de discussie voor iedereen te volgen. In deze discussies kwam ik geweldige ideeën tegen en heel veel handige websites met tal van bronnen en tools voor het onderwijs. Ik schreef er een artikel over op het Edublog van Netwijs, de onderwijsafdeling van Station-to-Station. Ik sloot gekscherend af met de opmerking, dat we in Nederland wel een Discussie Dinsdag zouden kunnen beginnen. Daarop kreeg ik enkele reacties binnen. Omdat we het bij ons op de afdeling juist hadden gehad over innovaties op het gebied van onderwijs en ICT en daar meer aandacht aan wilden besteden, heb ik mijn collega’s opgeroepen mijn idee te steunen.

    Hoe heb je het aangepakt om discussiedinsdag te starten?

    Vervolgens heb ik een startdatum en tijdstip gekozen en ben die bijna elke dag via Twitter gaan communiceren met de te gebruiken hashtag #netwijs. Dat leverde nieuwe reacties op. Het aantal actieve deelnemers groeit langzaam. Het aantal volgers ongetwijfeld ook. Dat meet ik af aan de reacties achteraf en de toename van persoonlijke volgers tijdens de discussie. Vooralsnog zijn de deelnemers vooral mensen, die zich op de één of andere manier als professional bezighouden met onderwijs en ICT, maar niet meer zelf voor de klas staan. Nog weinig leerkrachten. Misschien door het tijdstip, misschien door onbekendheid.

    Hoe faciliteer je de chat zelf tussen 12 en 2 uur?

    Als discussieleider start ik de discussie met een vraag of stelling. Vervolgens probeer ik door te vragen op reacties van deelnemers of breng juist een tegengestelde vraag of mening in. Wat dat betreft is het niet anders dan een face-to-face-discussie leiden. De extra handicap is, dat je maar 140 karakters kunt gebruiken in je tweet of eigenlijk nog minder omdat je ook de hashtag en dergelijke moet gebruiken. Je moet dus heel erg to-the-point zijn. Voordeel is wel, dat je geen andere prikkels hebt, zoals gezichtsuitdrukkingen, gebaren of mensen die door elkaar praten. Iedereen komt nu gelijkwaardig aan het woord en je bent vrij om te reageren op wie je wilt. Ik zorg ook, dat ik ingelezen ben in het onderwerp en aantal leuke links paraat heb om tijdens dode momenten in de discussie te gooien. Ook tijdens de discussie ben ik regelmatig aan het zoeken op internet. Tijdens een gewone discussie heb je die gelegenheid niet. Nu kun je alles zo teruglezen wat je hebt gemist. Daarmee is het veel dynamischer.

    Ben je tevreden over de chats?

    Het resultaat tot nu toe is, dat ik mijn netwerk flink heb uitgebreid met mensen, die ik anders nooit ontmoet zou hebben! We delen kennis met elkaar over de muren van de school en het bedrijf heen en over de landsgrenzen heen. Daarnaast staat ons weblog veel meer in de belangstelling. Door de naam van onze afdeling als hashtag (#netwijs) te gebruiken, zorgen we voor naamsbekendheid en zetten we een imago neer, namelijk dat we kennis hebben van onderwijs, ICT en innovatie.

    Wil je een keer meedoen met discussie dinsdag? Kijk dan op deze pagina van discussiedinsdag op ga gewoon naar Twitter tussen 12 en 2 en volg de hashtag #netwijs.

    Reblog this post [with Zemanta]
  • Het grote kleine onzichtbare (1)

    Datum: 2010.02.26 | Categoriën: Faciliteren | Antwoord: 1

    Veel activiteiten die horen bij een succesvolle discussiesite of online community zijn niet zichtbaar. Het zijn vaak kleine interventies buiten het zicht van de communitysite die maken dat mensen zich vertrouwd voelen en bereid zijn met elkaar in gesprek te gaan en lid te blijven. Juist door de onzichtbaarheid van deze rol en dus gebrek aan kennis erover komen veel online discussies niet van de grond. Dit is deel 1 van een tweeluik over de onzichtbaarheid van online faciliteren. Lees ook deel 2.

    Afgelopen week hoorde ik een verhaal over een medewerkster van een stadsdeel die door een enkel mailtje te sturen een groep jongeren wist te mobiliseren om met toezegging van €200 een volledig zelf georganiseerd evenement neer te zetten. Bij de presentatie van het project werd haar bijdrage als cruciaal genoemd. “Maar het enige dat ik heb gedaan is een mailtje sturen dat me een halve minuut tijd kostte!”

    Een heel ander verhaal ging over iemand van een andere organisatie die in LinkedIn een discussie was gestart over een specifiek onderwerp. Enigszins verbolgen vertelde hij dat er vervolgens niets gebeurde in die discussie. “Heb je dan wel een aantal mensen persoonlijk benaderd om te reageren in de discussie?” “Dat gaat toch allemaal vanzelf op het internet?!”

    Mensen in beweging krijgen lijkt soms vanzelf te gaan en lijkt soms volstrekt onmogelijk. Maar zo vanzelf gaat het eigenlijk nooit en als je tijd en aandacht schenkt aan mensen op de juiste manier kun je bergen verzetten.

    In het eerste voorbeeld kan ik mij voorstellen dat de stadsdeel medewerkster precies goed inschatte welke input de jongeren nodig hadden om aan de slag te gaan. Door via e-mail een toezegging te doen van een gering bedrag kregen de jongeren expliciet het argument in handen dat de gemeente achter het plan stond. Het gaf de jongeren het fiat om bij anderen aan te kloppen. Ze zag vervolgens dat er beweging was en kon zich daarna op de achtergrond houden. De jongeren die het evenement organiseerden hebben die steun als cruciaal ervaren. De medewerkster heeft met gevoel voor de behoeften van de doelgroep de juiste input geleverd.

    In het tweede voorbeeld heeft de man een verkeerde inschatting gedaan van activiteit binnen LinkedIn. Alleen een vraag publiceren is niet aantrekkelijk genoeg voor mensen om op te reageren. Vooral niet als de vraag door een onbekende gesteld wordt. De context lijkt dan te weinig op een vertrouwde omgeving voor mensen om bij te gaan dragen. De man heeft het werk dat nodig is om een levendige discussie te krijgen danig onderschat.

    Binnen de muren van je kantoor weet je wat je moet doen om iets te bereiken. Als je een vraag hebt dan loop je even langs bij de collega waarvan je denkt dat deze een antwoord heeft, of je kan verwijzen naar de juiste persoon. Als je een sessie organiseert om te brainstormen over nieuwe ideeën voor de organisatie, dan nodig je mensen persoonlijk uit en spreek je ze aan bij de koffieautomaat: “Je bent er woensdag toch ook bij?”.

    Zodra we online gaan lijken we al dit soort vaardigheden te vergeten. We zien dit soort activiteiten namelijk niet. We zien de starters van een discussie niet 10 e-mails versturen naar bekenden om te vragen of ze willen reageren om de discussie op gang te brengen. We zien niet de talloze moderatoren in fora verwijzen naar reeds bestaande discussies waar het antwoord of oplossing wordt gegeven. We zien de facilitator niet een e-mail versturen naar het communitylid dat ineens niet meer bijdraagt aan de groep.

    Online facilitatie is grotendeels een onzichtbare rol. Alleen de activiteiten die publiekelijk plaatsvinden in de communitysite of het forum krijg je te zien. Alle andere communicatie vindt achter de schermen plaats  en als je daar zelf nog nooit mee te maken hebt gehad kun je je alleen maar verwonderen over het feit dat er in jouw community niets gebeurt, maar dat ze bij ‘de buren’ de deur platlopen.

    Technologisch kunnen we het nu allemaal zelf. We kunnen zelf een Ning-groep beginnen, een forum op onze site installeren, een discussie in LinkedIn starten. Het ontbreekt veel mensen echter aan kennis over de onzichtbare rol van online faciliteren. In ons werk met directe collega’s vinden we het al moeilijk genoeg om deze katalysatoren te herkennen. Dat de jongeren de rol van de medewerkster als zodanig hebben herkend is in mijn ogen al heel bijzonder.

    Maar als we dit in het ‘normale’ leven al zo moeilijk herkennen, hoe kunnen we dit dan online herkennen en zichtbaar maken?

    Dat is de vraag waar ik in het tweede deel verder op in zal gaan.

  • Technology steward: belangrijke rol in online communities

    Datum: 2010.02.09 | Categoriën: Faciliteren | Antwoord: 0

    Een van de belangrijkste voorwaarden voor een geslaagde online community is de technologie waar de community gebruik van maakt en hoe de leden van de community gebruik (kunnen) maken van de technologie. Wenger, White en Smith gaan uitgebreid in op hun boek Digital Habitats op de verschillende strategieën die je kunt volgen met betrekking tot technologie-keuzes.

    De verschuiving van face-to-face naar online communities brengt allerlei nieuwe rollen met zich mee voor de leden. Een van die rollen is ‘technology steward’. Wenger, White en Smith omschrijven deze rol als volgt:

    “Technology stewards are people with enough experience of the working s of a community to understand its technology needs, and enough experience with technology to take leadership in addressing those needs. Stewardship typically includes selecting and configuring technology, as well as supporting its use in the practice of the community .” (bron)

    Anders gezegd heeft de tech steward zowel inhoudelijke kennis van de community als veel kennis van de technologie die ‘te koop’ is om in de behoeften van de community te voorzien.

    Verschillende activiteiten horen bij deze rol:

    • begrip hebben van de community, zodat je kan voorzien in de behoeften van de groep, soms zonder dat het expliciet wordt gezegd;
    • technologisch bewustzijn, zodat je weet welke tools beschikbaar zijn en de mogelijkheden ervan zijn;
    • selecteren en installeren, op basis van de behoeften van de groep het juiste gereedschap kiezen en het dan ook kunnen installeren voor gebruik;
    • adoptie en gebruik, ervoor zorgen dat je de leden ondersteunt bij het leren gebruiken van de nieuwe tools;
    • dagelijks gebruik, bijvoorbeeld de software updaten, back-ups maken, maar ook nieuwe leden toevoegen en nieuwe toepassingen van de tools ontdekken en introduceren aan de groep.

    De rol van tech steward hoeft niet exclusief van een persoon te zijn. Meerdere mensen kunnen deze rol tegelijkertijd vervullen. Het is zelfs belangrijk dat de groep niet teveel afhankelijk wordt van een enkele persoon die een dergelijke rol vervult. Iemand kan immers altijd besluiten de community te verlaten.

    Deze rol wordt helaas ook vaak over het hoofd gezien bij het vormen van communities, maar juist doordat online communities zo afhankelijk zijn van technologie om goed te kunnen functioneren is deze rol cruciaal. Als een platform technisch niet voorziet in de basale communicatiebehoefte van de leden zal het nooit tot een actieve community leiden.

    Hoe herken je dan een goede tech steward binnen jouw community? Veelal zijn tech stewards individuen die het van nature leuk vinden om te spelen met tools. Je herkent ze vast wel, zo’n type die jou als eerste uitnodigt voor het nieuwste online netwerk. Als zo iemand nou ook nog interesse heeft in hoe de activiteiten van de community uitgevoerd worden, heb je je technology steward te pakken.

    Het is belangrijk dat de leden van je community weten bij wie ze aan kunnen kloppen met technische vragen, net zoals we op kantoor de conciërge weten te vinden als er een lamp op het toilet stuk is.

    Ga voor jezelf nu eens na of je deze rol herkent bij je eigen community? Wie vervult deze rol? Misschien ben je het zelf wel. Weten anderen dat je deze rol vervult? En welke activiteiten je allemaal onderneemt om deze rol te vervullen?

  • Wat voor type facilitator ben jij?

    Datum: 2010.01.25 | Categoriën: Faciliteren | Antwoord: 0

    Elke facilitator heeft een eigen stijl en aanpak. Hoe faciliteer jij? Wat kenmerkt jou? Ben je iemand die nadrukkelijk aanwezig is en een redelijk sturende rol heeft in het proces? Of vervul je vooral een rol op de achtergrond en laat je de groep zoveel mogelijk zelf aan het werk? Op de website van Anecdote vond ik een mooi overzicht van verschillende typen facilitators, met bij elk type een karakteristieke cartoon.

    1. De onzichtbare facilitator

    2. De kameleon

    3. De dictator

    4. De dirigent

    5. Meebewegend

    6. Als leren fietsen

    Hoe bepaal je je stijl?

    De stijl van faciliteren kies je voor een deel zelf. Een bepaalde stijl ligt je meer of minder. Ook de groep kan behoefte hebben aan een bepaalde stijl. Een groep met mensen die voor het eerst online werken, heeft behoefte aan een facilitator die zichtbaar aanwezig is en ondersteuning biedt. Een facilitator die niet alleen reageert op vragen die komen, maar ook pro-actief werkt door goed te observeren en in te schatten wat de groep nodig heeft.

    Rollen online en face-to-face?

    En er zijn belangrijke verschillen tussen face-to-face en online faciliteren. Als faciltator herken ik mezelf sterk in de metafoor van meebewegend. En dat probeer ik zowel in een face-to-face situatie als online te doen. Door goed te kijken wat er gebeurt in de groep. En daarbij aan te sluiten. Het ‘leren fietsen’ gebruik ik online sneller dan in een fysieke setting. Dit komt omdat bij het online werken vaak ook een technische component komt kijken. Deelnemers voor wie een online omgeving waar je mee werkt nieuw is. Je als facilitator opstellen als een kameleon spreekt me ook sterk aan. Ik interpreteer deze rol als een vorm waarbij je naast facilitator ook deelnemer bent. En daarin zit voor mij tot nu toe een belangrijk verschil met face-to-face faciliteren en online. Face-to-face ben ik voornamelijk bezig met het proces, de dialoog tussen deelnemers, het toewerken naar een gewenst resultaat, vormen om interactie te stimuleren en noem het maar op. Online ben je sneller ook inhoudelijk betrokken lijkt het. Je levert een bijdrage aan een discussie in het forum. Of je start een vraag rondom een inhoudelijk thema dat speelt binnen de groep.

    Wat doe je online vanuit een bepaalde stijl?

    Dit vind ik wel een boeiende vraag om eens te verkennen. Een eerste aanzet:

    1. De onzichtbare facilitator…. verzet veel werk achter de schermen door deelnemers te benaderen, uit te nodigen tot actie, deelnemers met elkaar te verbinden. Ook zorgt deze facilitator ervoor dat de online omgeving er prima uit blijft zien.
    2. De kameleon…. faciliteert door ook als deelnemer actief te zijn in de online werkomgeving. Is online actief en doet zo nu en dan een procesvoorstel (zullen we deze discussie…. is dit niet interessant voor… mij lijkt het aardig om…)
    3. De dictator…is zichtbaar aanwezig online en geeft instructies aan deelnemers: wat, wanneer te doen. Dit kan zowel procesmatig als inhoudelijk. Dit is wellicht ook iemand die nieuwe berichten die online geplaatst worden, goed- en af kan keuren.
    4. De dirigent…. verbind deelnemers aan elkaar, geeft helder aan wat het einddoel is en nodigt deelnemers uit om daaraan bij te dragen, rekening houdend met ieders talent. Als er samengewerkt dient te worden is deze facilitator degene die de structuur aanreikt en hierop faciliteert.
    5. Meebewegend…. is een facilitator die eerst eens bekijkt wat er online allemaal gebeurt om vervolgens op bepaalde plekken mee te doen of met een voorstel te komen voor vervolg.
    6. Als leren fietsen…. is iemand die in het begin begeleiding en uitleg geeft en dit geleidelijk aan afbouwt vanuit de gedachte dat de groep het op een gegeven moment zelf moet kunnen. De facilitatie zal in de loop van de tijd van focus veranderen, bijvoorbeeld van technisch naar proces.

    Welke stijl heeft jouw voorkeur? En hoe uit zich dat online?

    De ene stijl sluit de ander ook niet uit. Deze schets van stijlen is ook niet bedoeld om hokjes te vormen. Wel kunnen ze inspiratie geven. En werken als een soort reflectie op jezelf en de manier waarop je je online beweegt. Is dat wat je wilt? Vanuit welke beweegredenen doe je het zo? Is er misschien een stijl die je aanspreekt en die je tot nu toe zelf niet zo snel zal hanteren? Maar wel de moeite waard om je eigen palet aan mogelijkheden mee uit te breiden?

  • Rol van de facilitator – Gevoel van gezamenlijkheid en luisterende oren creëren

    Datum: 2010.01.22 | Categoriën: Faciliteren | Antwoord: 0

    Door een organisatie (ICCOTogetthere), die Junior Deskundigen (25 – 32 jaar) uitzendt naar ontwikkelingslanden, werd ik gevraagd om een electronische uitwisselingsseminar te faciliteren.  Deze jonge deskundigen begeleiden lokale ontwikkelingsorganisaties met management expertise op het gebied van projectmanagement, onderwijs,  mensenrechten en lokale economische ontwikkeling.  Ze werken over diverse werelddelen, varieërend van Indonesië, Zimbabwe, Cameroen tot Peru.  Tien adviseurs lieten via e-mail wisseling weten dat ze aan het virtuele seminar wilden meedoen.

    Young professional in actie

    Samen met de coördinator in Nederland van de uitzendorganisatie werd een e-onderzoek via Freeonlinesurvey uitgezet.  Wat houdt je op dit moment bezig?  Waar loop je tegen aan?  Wat zou je tijdens het seminar willen bediscussiëren?  Wie wil meedoen aan de opzet van het proces? Wie wil een artikel over de uitkomsten van het seminar schrijven?  Dit waren een aantal vragen die in het onderzoek werden gesteld.   Twee junior deskundigen lieten weten, dat ze mee wilden werken aan de opzet van het e-seminar.  Het laatste  is één van de cruciale randvoorwaarden als ik een e-conferentie of e-seminar faciliteer.  Eigenaarschap en betrokkenheid van de deelnemers vanaf het begin  is essentieël voor een actieve participatie van de deelnemers.

    Begeleiding bij online communicatie

    Tijdens een skype teleconferentie werd samen met de twee junior deskundigen de doelstellingen en het proces voorbereid.   Mijn rol als facilitator was om mee te denken met de opzet van het seminar. Twee thema’s, die de junior deskundigen wakker hielden,  werden geselekteerd.  1. Hoe kan ik collega’s bij mijn organisatieversterkingsinterventie betrekken? 2.  Hoe kan ik  netwerken effectief maken voor mijn lokale organisatie?   Er werd gekozen voor een traject, dat 4 weken zou duren.   Het seminar startte met een skype teleconferentie ter kennismaking,  1 week inventarisatie van ervaringen,  2 weken discussie over stellingen die gerelateerd waren aan de thema’s inclusief 2 skype teleconferenties en 1 week voor conclusies en evaluatie.     We kozen voor skype en d-groups, een listserver discussiegroep, als media om ervaringen uittewisselen.   We kozen bewust niet voor een discussieformum zoals Ning, omdat 25 % van de adviseurs slechte breedbandverbindingen hebben, soms geen electriciteit of  online verbinding hebben.   E-mail via de listserver is in dit soort situaties het meest effectief.

    Opzet van een leerproces

    Het seminar startte stroef.  De eerst skype conferentie zou met 7 mensen beginnen, maar we bleven over met drie.  Twee deelnemers moesten door onverwachte omstandigheden op hun werk verstek laten gaan,  en twee anderen konden geen online of telefoonverbinding krijgen.  We besloten de teleconferentie een week te verschuiven en een vragenlijst ter kennismaking werd via de d-group uitgezet.  Daarna kwam de uitwisseling los. Mijn rol als facilitator was om mensen te prikkelen en te betrekken.  Een aantal reageerden spontaan.  Een aantal anderen betrok ik via directe mailwisseling en een ander weer via een telefoongesprek.  Gaandeweg het proces werden deelnemers enthousiast.  Het eerste thema “Hoe kan ik mijn collega’s betrekken?” genereerde de meeste aandacht.  We besloten het tweede thema daarom terzijde te schuiven.  Tijdens de skype teleconferenties verkregen we de benodigde diepgang in de discussies en waren we in staat om de impliciete kennis expliciet te maken.  Eén van de Junior Deskundigen maakte namens de groep een verhaal, dat op een gezamenlijke weblog ”Everything you always want to know about capacity development werd gepubliceerd.

    Simon face-to-face in actie als facilitator

    Tijdens de evaluatie gaven deelnemers aan dat ‘t gevoel van gezamenlijkheid en ‘t delen van ervaringen dat jij niet de enigste bent, die tegen dilemma’s aanloopt,   de belangrijkste opbrengst van het seminar waren.

    Mijn rol als facilitator was om wat in de hoofden van de deelnemers zat expliciet op schrift te maken en het gevoel van gezamenlijkheid en luisterende oren te creëren.

    Simon Koolwijk

    Januari  2010

    *****  Dit artikel zal worden gepubliceerd in het boek “  Online leren en faciliteren   -   twitteren, bloggen en wiki-en  in je werk  “    geschreven door Joitske Hulsebosch en Sibrenne Wagenaar  dat in het voorjaar van  2010 zal uitkomen.

Maak kennis met ons

  • Wij zijn Elmine, Simon, Sibrenne en Joitske. We zijn alle vier fervent gebruiker van web 2.0 in ons werk: om groepen online te faciliteren, om online te netwerken en om ons werk makkelijker te maken. De vaardigheden die we in de loop der jaren hebben opgedaan, geven we graag verder!
  • Bekijk ons aanbod van workshops.
  • •Binnenkort starten we een community over online faciliteren. Houd de site in de gaten!

Over onze samenwerking

Abonneer je op deze site

Via e-mail. Vul je e-mailadres in:

Door FeedBurner

Recentste berichten

Recente reacties

Onderwerpen

activiteiten communityplatform discussies facilitator_taken angst techniek gedrag gratisdiensten groepssite hosting informatie inspiratie katalysator kennismaking kosten ning onlinecommunity onlinediensten online faciliteren onlineplatform onzichtbaar rol rollen starten stijlen technology steward techsteward tips Twitter twitter_chat faciliteren web

Archief van blogposts